Uit Werkinfo

Ga naar: navigatie, zoeken

Arbeidsovereenkomst met oproepkracht voor bepaalde tijd met uitgestelde prestatieplicht

...................................., hierna aan te duiden als werkgever, en ....................., hierna aan te duiden als werknemer, geven hun arbeidsverhouding vorm met de volgende artikelen van deze arbeidsovereenkomst.

Inhoud

[bewerken] Algemeen

De werkgever en werknemer verklaren zich tegenover elkaar zowel redelijk, billijk als flexibel op te stellen, zodat zij vruchtbaar kunnen samenwerken en de arbeidsverhouding mee groeit met veranderingen.


[bewerken] Aantal uren

1. Deze arbeidsovereenkomst kent geen minimum aantal uren per week en garandeert ook geen minimum aantal uren per tijdseenheid, omdat het aantal uren dat de werknemer gaat werken volledig afhankelijk is van het al dan niet oproepen voor arbeid door de werkgever. Met deze overeenkomst hebben partijen een arbeidsverhouding op het oog waarbij geen zekerheid bestaat over het al of niet werken en de omvang van die eventuele werkzaamheden. 2. De werknemer is ermee bekend is dat deze arbeidsverhouding zijn bestaansrecht vindt in de behoefte van de werkgever om zo nodig op korte termijn te beschikken over extra arbeidskracht. 3. De werkgever gaat over tot het oproepen van de werknemer zodra hij meent dat er arbeid voor handen is waarvoor hij de werknemer kan oproepen, waarbij een oproeptermijn in acht genomen wordt van .... 4. Bij de oproep geeft de werkgever aan over welke arbeidstijd en dagen de werknemer kan werken.


[bewerken] Rechten en plichten

1. Na daartoe opgeroepen te zijn is de werknemer vrij om wel of niet aan de oproep gehoor te geven. Het werk waarvoor degene wordt opgeroepen betreft: ....... 2. De werkgever kan de werknemer oproepen voor arbeid op de volgende dagen en arbeidstijden ......... 3. Het werk wordt verricht onder het gezag van de werkgever, wiens aanwijzingen en voorschriften de werknemer volgt, in het bijzonder die welke gericht zijn op de aard van de arbeid en goede orde in de onderneming.


[bewerken] Duur en opzegging

1. Deze arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor de duur van ............... Zij vangt aan op ............... 200., terwijl zij van rechtswege eindigt op ....... 200.. De overeenkomst eindigt derhalve ook op die datum, indien opzegging of enige andere handeling achterwege blijft. 2. Tussentijdse opzegging is mogelijk, met inachtneming van een opzeggingstermijn van één maand, waarbij de opzegging geschiedt tegen de laatste dag van de maand. Deze bij tussentijdse opzegging in acht te nemen termijn geldt niet tijdens een overeengekomen proeftijd.


[bewerken] Beloning

1. Over de uren dat de werknemer daadwerkelijk arbeid verricht heeft degene recht op loon ten bedrage van ........ per ........, hetgeen berekend wordt over een periode van ...... en wordt uitgekeerd op ......., nadat de werkgever hierop de verplichte inhoudingen heeft gedaan. 2. Gedurende de eerste zes maanden van deze arbeidsovereenkomst wordt er van lid 1 van artikel 7:628 van het Burgerlijk Wetboek afgeweken, doordat de werknemer geen recht op loon heeft over uren waarop de werknemer geen arbeid verricht. 3. De werknemer heeft aanspraak op een vakantietoeslag van ... %, welke de werkgever reserveert en aan de werknemer uitkeert op (of: in) ...

Partijen zijn deze arbeidsovereenkomst aangegaan op ..................... 20... .................. als werkgever, getekend door ..................: .................. .................. als werknemer: ..................