Uit Werkinfo

Ga naar: navigatie, zoeken

Afspiegelingsbeginsel

Indien een werkgever werknemers wil ontslaan om bedrijfseconomische redenen, kan de werkgever niet vrijelijk kiezen wie hij wil ontslaan. De werkgever dient een voorgeschreven ontslagvolgorde in acht te nemen. Die ontslagvolgorde wordt bepaald aan de hand van het zogeheten 'afspiegelingsbeginsel'. Het afspiegelingsbeginsel komt er kort gezegd op neer dat de leeftijdsopbouw van de werknemers in een bedrijfsvestiging voor en na de ontslagen zoveel mogelijk gelijk moet zijn.

Hoe wordt het afspiegelingsbeginsel toegepast?

Er dient afgespiegeld te worden per categorie uitwisselbare functies van de bedrijfsvestiging. Dit werkt als volgt: Het personeel van de categorie uitwisselbare functies wordt ingedeeld in vijf leeftijdsgroepen, te weten van 15 tot 25 jaar, van 25 tot 35 jaar, van 35 tot 45 jaar, van 45 tot 55 jaar en van 55 jaar en ouder. De verdeling van de ontslagen over de leeftijdsgroepen dient op een zodanige wijze plaats te vinden dat de leeftijdsopbouw binnen de categorie uitwisselbare functies vóór en ná de inkrimping verhoudingsgewijs zoveel mogelijk gelijk blijft. Vervolgens wordt binnen elke leeftijdsgroep de werknemer met het kortste dienstverband als eerste voor ontslag voorgedragen. naar boven

Let op: het afspiegelingsbeginsel is niet altijd van toepassing?

Het afspiegelingsbeginsel hoeft in de volgende gevallen niet gebruikt te worden:

   wanneer het bedrijf/de bedrijfsvestiging gaat sluiten;
   wanneer er een unieke functie komt te vervallen (dat is een functie die slechts door één werknemer wordt ingevuld);
   wanneer er een categorie uitwisselbare functies in zijn geheel komt te vervallen.

Ook kan er in sommige gevallen van het afspiegelingsbeginsel worden afgeweken. In welke gevallen kan dat? Dat kan:

1. op grond van de hardheidsclausule. Alleen uitzendwerkgevers en andere werkgevers die werknemers onder toezicht en leiding van een derde te werk hebben gesteld, kunnen hier een beroep op doen;

2.  bij onmisbare werknemers;
3.  indien een voor ontslag voor te dragen werknemer een zwakke arbeidsmarktpositie heeft en dit niet het geval is met de werknemer die alsdan voor ontslag in aanmerking komt.

Dit blijven echter uitzonderingen, waarvan weinig gebruik gemaakt wordt en die door het UWV of de kantonrechter lang niet altijd worden gehonoreerd.

Het afspiegelingsbeginsel is een 'hard' beginsel. Indien de ontslagvolgorde daaraan niet voldoet zal het UWV de ontslagaanvraag afwijzen. De kantonrechter neemt dit beginsel ook als leidraad.